Home Bronzemannen Muskaatvinken Nonnen Rietvinken Bastaarden Linken Lonchura Forum

Henk’s Lonchura Pagina

Email: vos.henkde@gmail.com

Witkopnon, Lonchura maja


Algemeen:


Nederlands: Witkopnon.

Duits: Weisskopfnonne.

Engels: White-headed mannikin.

Frans: Nonnette à tête blanche.


Verspreidingsgebeid;


Het verspreidingsgebeid van de witkopnon omvat zuid Thailand, Maleisië, Sumatra, Java en Bali.


Ondersoorten;


Van de witkopnon worden geen ondersoorten erkend. De vrij grote variatie binnen de soort wordt toegeschreven aan variatie binnen de populatie. Gekozen is uiteraard voor de meest contrastrijke verschijningsvorm, een diep gekleurde vogel met een zo helder mogelijke kopkleur.


Mutanten;


Bij de Witkopnon is in het keurseizoen 2007/2009 voor het eerst een mutant van de Ino-crème en Roodbruin tentoongesteld door de heer B. Moerman. Daar deze vormen nog onvoldoende duidelijk zijn vastgelegd, wordt er in de standaard verder nog geen aandacht aan besteed. Wel is erg belangrijk dat bij de kweek van deze kleurslagen het type van de Witkopnon als leidraad dient. Iedere afwijking in model dient dan ook zeer streng bestraft te worden. Het is noodzakelijk dat deze soort een hoge mate van raszuiverheid toont. Belangrijk is hierbij de egaal doorgekleurde buik. Vaak is hier in de eerste generatie nog een wit middendeel te herkennen.

Er wordt een zo wit mogelijke kopkleur verlangd. Voor voorhoofd, teugel, wenkbrauw en wangen is dit goed mogelijk. Ook op de keel kan een hoeveelheid wit aanwezig zijn. Een grauwbruine waas op de nek is echter haast onvermijdelijk en breidt zich meestal uit tot op het achterhoofd. Ook op de keel gaat de witte kleur vrij snel over in de grauwbruine borstkleur. Een soepele beoordeling is hier gewenst. Door de wat grauwere en donkerder bruine kleuren ten opzichte van de voorgaande nonnen zijn de tekeningpatronen van de witkopnon minder contrastrijk.


Fysieke eigenschappen;


Formaat: 11 cm.

Kleur en tekeningomschrijving

Witkopnon, man en pop

Kleur:

WIldkleur

Kop, keel en nek:

Bovenschedel vanaf de snavelinplant helder wit. Bovenop de kop gaat deze kleur geleidelijk aan over in de grauwbruin bewaasde nek. Teugel en wang wit. Ter hoogte van de oorstreek en onder de keel eveneens geleidelijk overgaand in de grauwbruin bewaasde nek, halszijden en borst. Keel zwart, één veerveld vormend met de zwarte borst. De afscheiding van de zwarte keel en halszijden met de verder witte kop, wordt gevormd door een lijn lopend vanaf de onderkant van de snavel, schuin naar beneden, tot aan de nek.

Rug en vleugeldek:

Donker grauw kastanjebruin. De overgang van de grauwbruin bewaasde nek naar het donker grauw kastanjebruine rugdek is scherp en regelmatig afgetekend, maar weinig opvallend. Ter hoogte van de oorstreek en onder de keel gaat de kleur geleidelijk aan over in grauw bewaasde nek, halszijden en borst

Vleugelpennen en duimveren:

Zwartbruin met een donker grauw kastanjebruine buitenvlag. In rusttoestand vormen deze vleugelpennen een vrijwel egaal veerveld met het rugdek.

Stuit, bovenstaartdekveren:

Stuit aan de rugzijde kastanjebruin en gaat richting staart over in de glanzend donker kastanjebruine bovenstaartdekveren

Staart:

Middelste staartpennen iets gepunt, glanzend donker kastanjebruin van kleur met donkerder veerkernen. Overige staartpennen zwartbruin, met meer donker kastanjebruine buitenvlaggen.

Borst:

Via de witte keel loopt de kleur via een grauwbruine waas, geleidelijk over in de grauwbruine borst. De afscheiding van de grauwbruine borst met de grauw kastanjebruine buik en flanken verloopt via een regelmatige gebogen lijn van vleugelbocht naar vleugelbocht. Op de buik bevindt zich een zwart veerveld, welke één geheel vormt met het zwarte onderstaartdek. De afscheiding van de zwarte buikvlek loopt in een vloeiende lijn vanaf de staartinplant over de flanken, ruim om de pootinplant heen, naar de onderzijde van de borst. De afscheiding van de zwarte buik met de smalle flanken en borst is regelmatig maar niet scherp. Tussen de grauwbruine borst en zwarte buik is een minimale grauw kastanje bruine band aanwezig

Buik:

Zwart.

Flanken:

Grauw kastanjebruin.

Broek en pootinplant:

Donker roestbruin, de broekbevedering heeft iets lichtere veerkernen.

Onderstaartdekveren:

Zwart.

Poten en nagels:

Donkergrijs, een lichtere kleur is toegestaan.

Snavel:

Helder blauwgrijs.

Ogen/Pupil:

Zwartbruin, een lichtere kleur is toegestaan.

Tekeningkleur:


Buikvlek:

Op de buik bevindt zich een zwart veerveld welke één geheel vormt met het zwarte onderstaartdek.

©Pieter v.d. Hooven

Witkopnon

Terug naar boven

Witkopnon jongen

© Alle rechten voorbehouden aan HJ de Vos

Bruin